Ambulante begeleiding
Soms kan een leerling door gedragsproblemen of een psychiatrische stoornis niet goed meekomen op een gewone school. Dan is er extra begeleiding nodig. Het liefst van gespecialiseerde docenten, die goed weten hoe ze leerlingen met ontwikkelingsproblemen, gedragsproblemen of psychiatrische stoornissen het best kunnen begeleiden. Deze ondersteuning noemen we ambulante begeleiding.
Hoe werkt het?
Als jij op een gewone school zit en extra begeleiding nodig hebt, kun je een ‘rugzak’ aanvragen, extra geld voor ondersteuning. Daarmee heb je recht op drie jaar ambulante begeleiding. Is daarna nog steeds begeleiding nodig, dan kan deze periode worden verlengd met opnieuw drie jaar. Daarvoor moeten je ouders of verzorgens een herindicatie aanvragen.
Wat doet een ambulante begeleider?
De ambulante begeleider:
- geeft jou individuele begeleiding
- geeft voorlichting en begeleiding aan docenten op jouw school
- bespreekt jouw voortgang met je ouders of verzorgers, je mentor en de zorgcoördinator
- observeert in jouw klas
- onderhoudt contacten met hulpverlenende instanties
- adviseert docenten en de zorgcoördinator bij het opstellen van jouw handelingsplan
- adviseert de school over de aanschaf van hulpmiddelen en boeken
- helpt je ouders of verzorgers bij de aanvraag voor verlenging van de ambulante begeleiding (herindicatie)
Welke vormen van ambulante begeleiding zijn er?
We kennen in Nederland drie soorten ambulante begeleiding.
- Wanneer ouders hun kind aanmelden voor een cluster-4-indicatie is er vaak al veel gebeurd. De gedragsproblemen zijn merkbaar op school, thuis en in andere situaties. Er is al hulp van een instelling voor jeugdzorg of voor kinderpsychiatrie. Zonder extra hulp op school kan de leerling niet meer goed onderwijs volgen. Met deze cluster-4-indicatie kan een leerling speciale ondersteuning krijgen op een gewone school.
- Ook leerlingen die worden teruggeplaatst vanuit het speciaal onderwijs naar gewone scholen voor (speciaal) basisonderwijs en voortgezet onderwijs, kunnen extra begeleiding krijgen. Deze leerlingen zonder cluster-4-indicatie krijgen op de nieuwe school nog maximaal één jaar hulp van de ambulante begeleider.
- Soms zijn de problemen op een gewone school nog niet heel erg groot, maar maken ouders zich toch wel zorgen over het gedrag en de vorderingen van hun kind. Om te voorkomen dat de gedragsproblemen op school te groot worden, krijgt de leerling hulp van de ambulante begeleider. Dat heet preventieve ambulante begeleiding. De ambulante begeleider geeft ook advies aan de docenten, zodat ze deze leerling zo goed mogelijk kunnen helpen.

